Ik kan niet meer
Een stukje uit het dagboek van één van de dappere overlevers:
Jarenlang heb ik me klein gehouden en me klein gemaakt. Jarenlang heb ik mijn kracht verborgen. Zodat jouw machteloosheid, krachteloosheid en kleinheid niet zichtbaar zouden worden. Zodat jij naar de buitenwereld zou overkomen als een normaal functionerend mens.
Ik heb mezelf en mijn leven in de wacht gezet voor jou. Totdat jij je leven zou hebben geheeld en we samen verder zouden kunnen. Maar dat gebeurde niet. Je heelde niet. Je vond het wel makkelijk zo.
Maar ik kon niet meer. Als ik door zou gaan, zou ik neerstorten. Dus stopte ik ermee jou te dragen.

Maar ik bleef nog wel in mijn inmiddels aangeleerde overlevingsmechanisme omdat je niet kon dealen met je angsten, met het onbekende en met de wereld als die zich niet aan jouw regels hield. Jij was dan onvoorspelbaar, onredelijk en destructief. Ik droeg je niet meer maar verstopte me nog wel. Want jij wilde nog steeds dat ik klein en zwak was. Totdat ik daar ook niet meer tegen kon. Ik wilde niet meer gepest, gekleineerd en genegeerd worden door jou. Dit alles had al lang niets meer met liefde te maken. En mijn liefde voor jou waarvan ik ooit dacht dat die genoeg zou zijn, was inmiddels door jou vermoord.

Ik wil nu niet meer voor jou opkomen. Ik wil nu voor mezelf opkomen en mezelf helpen. Weer leven in veiligheid. Mijn liefde kunnen laten zijn en kunnen laten stromen in veiligheid. En in dit proces van afscheid worden jij en je gedrag duidelijk zichtbaar. Jij hebt geen controle over de mensen die zich aan de regels houden. De regels die onpartijdig zijn en dus niet alleen voor jou.
Je raakt steeds in paniek, je kronkelt. Je belooft dat alles in vrede besproken en geregeld kan worden om vervolgens boos, aanvallend en beschuldigend te zijn.
De angst bliksemt uit je ogen. Hier biedt geen enkele van je acts bescherming. Wat je altijd met man en macht heb willen voorkomen, gebeurt nu. Je krachteloosheid en angst worden zichtbaar.
En ik? Ik voel mijn kracht stromen meer en meer. Ik word weer zichtbaar en sterk. Alles speelt zich nu zo helder voor me af waardoor het duidelijker wordt dan ooit tevoren waar ik al die jaren in heb gezeten, met wat voor man ik te maken heb gehad. Daardoor word ik afwisselend verdrietig, boos en verbaasd. Hoe kon ik het niet hebben gezien? Hoe kon ik het hebben toegelaten? Hoe is het mogelijk dat ik dit heb volgehouden?
Mijn werkelijke zelf is nooit verloren gegaan. Die staat nu weer op. Ik strijk de kreukels glad en verzorg mijn wonden. Het zal niet altijd makkelijk zijn om weer te durven leven als mijn echte zelf. Maar aan de basis staat mijn keus ‘ik wil dit niet meer, nooit meer. Ik ben gewoon ik en dat is goed. Ik leef nu mijn eigen leven, precies zoals ik ben en dat mag’. Het is goed. Ik ben vrij. Ik laat gaan. Ik laat los.





